| Uitzicht in crisistijd (2) Als het water in de zee (Habakuk 2:14) |
|
|
Zoveel onrecht met geld en macht en al dat andere kwaad wat mensen elkaar aandoen, is daar niks aan te doen?
Liturgie Preek Groot en krachtig is de zee. Klein en nietig het menselijke. Ook die olietanker die je ziet varen aan de horizon. Hij staat voor één van de pijlers van onze economie. Maar op die grote zee vallen alle olietankers bij elkaar in het niet. Of dat cruiseschip… Symbool van welvaart en macht en het goede leven. Ten koste vaak van anderen. Op die immense watermassa is het een nietig bootje. En de zee spoelt op het land aan en weer terug. Bij het zien van die olietanker en dat cruiseschip moet ik even aan Habakuk 2 denken. ‘Wee hem die…’ Habakuk heeft het dan over het machtige Babel. Wreed verovert het de landen van het middenoosten om zich er mee te verrijken. Plunderen, bloedvergieten, geweld en onrecht. Dat doet Babel in de tijd van Habakuk. Later wordt die naam Babel in de Openbaring gebruikt voor de stad Rome. Ook zo’n stad die zich verrijkte ten koste van onderdrukte volken. En vandaag? Wat is het Babel van vandaag? New York? Amsterdam? Het zit niet in één stad. Maar de westerse wereld met zijn harde economie heeft zeker trekken van Babel. Jezelf verrijken ten koste van de arme kant van de wereld. Zoveel onrecht met geld en macht en al dat andere kwaad wat mensen elkaar aandoen, is daar niks aan te doen? Kijk eens naar de zee. Die zee zit vol water. Zo’n kracht. Een zandkasteel is met een enkele beweging van het water weggespoeld. Kijk eens naar die zee, zegt Habakuk. ‘Maar zoals de zee vol water is, zo zal de aarde vol kennis van de grootheid van de Heer zijn.’ (Vers 14) Verandert dit wat aan de aarde? Wordt de wereld er beter van? Ja zeker, want als alle mensen, ook op de cruiseboten en in de kantoortorens de grootheid van de Heer door en door kennen, dan gaat alles er anders uit zien. Je leert af om jezelf als god te gedragen en naar jezelf toe te rekenen ten koste van anderen. Plunderen en uitbuiten, het zal over zijn. In een wereld die vol is van de kennis van de grootheid van de Heer is daaraan ook geen behoefte. Iedereen vertrouwt dat de Heer, groot als hij is, voor je zal zorgen. Je hoeft niet –op een foute manier- voor jezelf te zorgen. Wat zal het prachtig zijn als dat de wereld gaat vullen, zoals het water de zee. Voor het kwaad zal helemaal geen ruimte meer zijn. Zo ver is het nu nog niet. Habakuk tekent een toekomstbeeld. Hij heeft dit profeten woord overgenomen van Jesaja. Uit een toekomstprofetie over een wereld waarin de wolf en het kalf vreedzaam naast elkaar liggen, misschien kent u die wel. (Jesaja 11) Zo ver is het nu nog niet. Maar we zijn wel op weg daar naar toe. God is druk bezig meer kennis van zijn grootheid in deze wereld te brengen. Hij liet zijn eigen Zoon een mens worden. Wat heeft die veel van God laten zien. Hij gaf de Heilige Geest in mensenharten, aan mensen uit alle volken. De wereld wordt steeds voller van kennis van God. Laat dat op je inwerken. Laat het je moed geven. Wat God beloofd heeft, dat komt! En als je zelf vol bent van de kennis van de grootheid van de Heer, dan begint er bij jou al wat te veranderen. Dan leer je steeds meer met God rekening te houden en niet naar jezelf toe te rekenen. Dan vertrouw je er op dat dat ook niet hoeft. Hij zal –groot als hij is- voor je zorgen. Je eigen leven wordt een wereld die daar steeds meer vol van is. Net als de zee helemaal vol: steeds minder ruimte voor gedachten waarin God niet groot is. Laat dat allemaal maar wegspoelen door de Heilige Geest. Vaak was je niet vol van zijn grootheid. Maar God is groot. Zo groot dat hij het je wil vergeven. Ook vandaag wil hij het weer volop laten zien. En vergeving maakt ruimte, ruimte om vol te zijn van Gods grootheid. Dat zal je leven corrigeren, niet jij, maar hij heeft het voor het zeggen. Dat geeft vertrouwen, ook als het er somber uitziet. In vers 4 zegt Habakuk: ‘Wie niet oprecht is, wie arrogant is, die kwijnt weg.’ Zoals dat zandkasteel met één beweging weggespoeld wordt. ‘Maar de rechtvaardige zal leven door zijn trouw.’ Door je trouw aan God, je geloof in hem. Ben je zo’n rechtvaardige? Van jezelf niet. Maar God wil je onrecht en zonde vergeven en je vullen met ontzag voor Hem. Zo leven, dat heeft toekomst. Tot in eeuwigheid. |










