|
Wat is christen zijn? Dat je bepaalde gewoontes aanhoudt? Bepaalde opvattingen hebt? Nee. Je raakt aan het geheim van God. Wie Hij is. En dat komt midden in je leven te staan.
|
Preek A.M. de Hullu - Zondag 26 april 2009 predikant Apeldoorn-Zuid
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Deze preek wordt u aangeboden voor eigen gebruik. De predikant vraagt u eerst contact met hem op te nemen als u deze preek wilt gebruiken voor andere doeleinden zoals het voorlezen in een kerkdienst of als studiemateriaal in verenigingsverband of anders.
|
Liturgie Welkom Openingsbelijdenis Groet Psalm 33:1,2 Wet en samenvatting Psalm 33:5,8 Gebed Genadeverkondiging Joh. 10:11,28 GK Gezang 107:1,2 1 Johannes 1:1-4 en 2:18-29 Psalm 2:4 Tekst: vers 23 Preek Psalm 111:1,6 Gebed Mededelingen Collecten GK Gezang 161 Zegen
Preek
Kindermoment Jongens en meisjes. Misschien heb je het al gezien, achter op het kinderwerkblad staat een vierkant met een grote grijze cirkel er in. Daar hoort een opdracht bij. Schrijf in het witte vak dingen die bij het geloof horen. Misschien heb je die opdracht al gemaakt. Welke dingen kun je in het witte vak zetten? ….
Nu wil ik twee woorden in het midden zetten: ‘Vader’ en daaronder ‘Zoon’ Er zijn een heleboel dingen die belangrijk zijn in het geloof. Maar in het midden staat God, de Vader die in de hemel woont. En zijn Zoon, die op aarde geweest is en die nu in de hemel is. Denk er over na wie Hij is, wat je van Hem weet. Denk er over na wie Hij voor je wil zijn. Laat Hem in het midden staan. Weet je wat dat betekent, dat iemand in het midden staat? Dat Hij de belangrijkste is.
Dat is wat we in het bijbelgedeelte van vanmorgen zien. Er staat van alles in over de antichrist en het einde. Er staat ook dat je gezalfd bent. Maar in het midden staat iets om in het midden te zetten: Ieder die de Zoon niet erkent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon erkent heeft ook de Vader. God is een Vader. God heeft een Zoon. Als je daar wat langer over nadenkt ga je steeds meer moois zien. Dan zul je merken dat God steeds belangrijker voor je wordt. Hij is degene die in het midden staat. Dat wil ik vanmorgen met u doen. Dat wil ik u meegeven voor de nieuwe week.
Vader Ik kan me voorstellen dat u vooral iets zou willen horen over de antichrist en de eindtijd. Of over de zalving. Ik zal daar ook wel iets over zeggen in de preek van vanmorgen. Maar het belangrijkste is hoe Vader en Zoon in het middelpunt staan, in die cirkel die we net getekend hebben, in de tekst en in je leven. Wat staat er nou precies in deze tekst? Johannes gebruikt de namen ‘Vader’ en ‘Zoon’. Eerst laten we op ons inwerken wat die naam ‘Vader’ zegt.
Dat betekent om te beginnen dat God íémand is. Hij is niet iets, hij is iemand. Veel mensen zien God als iets. ‘Ik geloof wel dat er iets is.’ Je voorstelling van God is vaag. Misschien hebt u ook, een beetje, of misschien wel heel erg. Een vage voorstelling van God. Dan krijgt God gemakkelijk een plaats aan de rand van je leven. Maar iemand die je Vader noemt, die is iemand. Hij is de lévende God. Hij heeft eigenschappen. Denk er eens over na wat de eigenschappen van God zijn. Hij is iemand om te kennen en steeds beter te leren kennen. Om te bewonderen, dat hij zo groot is, zo wijs, zo eerlijk… Het nadenken daarover geeft Hem een grotere plaats in je leven. Voorbeeld? Als je Gods eerlijkheid beter leert kennen kan het haast niet anders of het heeft de invloed op je dat je zelf eerlijker wordt. In ieder geval is het confronterend als je zelf niet eerlijk bent.
Als je God een Vader noemt, die íémand is, en die leeft, betekent dat dat Hij je aan zou kunnen kijken. Vriendelijk of boos. Dat Hij wat van jou vindt. Als mens kun je er heel druk mee zijn wat jij van God vindt. Dan sta jij in het middelpunt en hij ergens aan de rand. Maar God is iemand die ook wat van jou vindt. En het doet er toe wat Hij van je vindt. Hij is een Vader, iemand naar wie je omhoog kijkt, die het voor het zeggen heeft en naar wie je luistert of in ieder geval hoort te luisteren. Zo over God te denken brengt hem meer in het midden van je leven. Doe dat deze week.
Zoon In Vader zijn zit ook iets wat ik niet zo gemakkelijk onder woorden kan brengen. Het is de wil om gericht te zijn op anderen. Een vader is gericht op kinderen. God heeft niet genoeg aan zichzelf. Hij wil dat er buiten Hem iets is waar hij een band mee heeft. Dat is iets heel speciaals van God. Dat is zijn verlangen, dat is zijn hart, dat ís hij. Daarom Vader én Zoon.
Alleen al de naam Zoon, alleen al het feit dat God een Zoon heeft zegt veel over wie God is. Denk maar aan Allah, die geen zoon heeft en op verheven afstand onbereikbaar is. En die Zoon… Johannes heeft over hem geschreven dat hij hem gezien, gehoord en zelfs aangeraakt heeft. Hij heeft het over Jezus, van wie je moet erkennen dat hij de Christus, de gezalfde, de gestuurde.
Johannes heeft hem intens meegemaakt en gemerkt hoe Jezus één was met zijn hemelse Vader. Hij heeft hem daar vaak over gehoord en juist die woorden in zijn evangelie opgeschreven. ‘Ik en de Vader zijn één’ ‘Wie mij gezien heeft heeft de Vader gezien’ Aan Jezus merkte Johannes hoe sterk de band tussen twee kan zijn. Hoe groot liefde ook kan zijn. Woorden als verbondenheid en liefde zijn voor Johannes gekleurd door de liefde tussen Vader en Zoon. En voor u?
Door de Zoon kwam God naar ons toe. Van die twee, die zo één zijn, kwam de Zoon aan onze kant staan. Toen we het net over de Vader hadden, zei ik: hij ziet je, hij vindt wat van je, wat je doet en wat je denkt. En dat is niet altijd zo best. Maar de Zoon neemt het voor je op. Hij heeft het voor je opgenomen door te sterven aan het kruis. Wat we een paar weken geleden lazen: het bloed van Jezus, zijn Zoon reinigt ons van alle zonden (1 Johannes 1:8). Laat ook dat geen vage gedachte zijn ‘vergeving’, iets wat je aan de buitenkant van je leven kunt houden, maar Jezus’ vlees en bloed, waarmee hij midden in je leven komt.
Geven, weigeren, aanvaarden Je staat hier oog in oog met de Vader, die zijn Zoon geeft, met de Zoon die zichzelf geeft. En het is niet voor niets dat ik dat zo zeg. De tekst heeft het over het aannemen of het weigeren van de Zoon. De nieuwe bijbelvertaling gebruikt het woord erkennen. Oudere bijbelvertalingen hebben het over loochenen en belijden. Maar al die woorden kunnen makkelijk een wat theoretische klank krijgen, terwijl de bedoeling emotioneler is. Het gaat hier ook over het aanvaarden van Jezus, die de Vader aan jou geeft, die zichzelf aan jou geeft. Of hem weigeren. Terwijl God het liefste wat hij heeft geeft, terwijl Jezus zijn eigen leven geeft om het tussen jou en God goed te maken, zou jij hem dan weigeren? Nu zien we nog meer van het vaderlijke van God. Zijn wil om gericht te zijn op anderen. Niet alleen door een Zoon te hebben, maar ook hem te geven, zodat wij bij hem mogen horen. Wie de Zoon aanneemt hoort bij de Vader. Wie de Zoon afwijst, weigert staat er buiten. Die staat ook buiten het cadeau van het eeuwige leven. Na de dood eeuwig met God leven. Daar sta je buiten. Dat klinkt nog al hard. Misschien hebt u daar moeite mee. Het kan zijn dat je hier vanmorgen in de kerk zit, dat je zelf geen christen bent en dat je het wel erg veroordelend vindt hoe de bijbel en de kerk over niet-christenen spreken. En nou wil ik niet alles goedpraten wat christenen doen en zeggen. Maar als je niets met God te maken wilt hebben, en met Jezus zijn Zoon, waar hij van hield en die hij gaf, dan moet je toch begrijpen dat God dat niet verdraagt.
Vader en Zoon in het midden Wij leven in de laatste tijd. Tussen de hemelvaart en de terugkomst van Jezus. Dán kun je echt zien wat God belooft met het eeuwige leven. Nu komt het er op aan Gods Zoon te aanvaarden, Gods gezondene, de Christus. Tegelijk is het ook de tijd van de antichrist en de antichristen. Let er even op dat dit de enige plaats in de bijbel is waar sprake is van de antichrist. De antichrist is degene die probeert te verhinderen dat jij bij Christus hoort. Op allerlei manieren. Toen we in de Openbaring lazen hebben we daar iets van gezien. Vooral dat je heel ver gaat in je aan te passen aan de manier van leven zonder God. In deze brief heeft Johannes te maken met een andere strategie van de duivel. Hij geeft een verkeerde, een afgezwakte voorstelling van Jezus. Het dichtbij komen, als echt mens, die voor de zonden van de mensen gestorven is ontkenden sommige invloedrijke gemeenteleden. Dan raak je Jezus kwijt, en dan raak je God kwijt met zijn wil op mensen gericht te zijn.
En daar moet u ook heel erg voor oppassen. Nee, niet direct voor de docetische dwaling uit die tijd. Maar pas vooral op dat je van God en van Jezus geen vage figuren maakt die je ergens aan de rand van je leven een plekje kunt geven.
Hoe doe je dat? Johannes noemde twee dingen waardoor je de Vader en de Zoon kunt kennen en zij een plaats in je leven hebben: Eerst vers 24: Wat u van het begin hebt gehoord, laat dat in u blijven. Alles wat je steeds weer geleerd hebt over God. Preken, onderwijs. Voor ons ook de bijbel. Vanaf het begin, zegt Johannes. Hij laat je naar je levensweg kijken, waarin je God leerde kennen uit de bijbel, maar ook in je eigen leven.
En dan noemt hij ook de zalving. Een zalving die je alles leert. Wat voor zalving? Werden christenen toen gezalfd? Voor zover wij weten niet. Vrijwel alle uitleggers zijn het er over eens dat Johannes hier de Heilige Geest bedoelt, zoals die in jou persoonlijk werkt. De Heilige Geest wil er voor zorgen dat je Vader en Zoon leert kennen en steeds beter leert kennen. Hij hoort bij die twee. Vraag er om. Ik bedoel: bid er om.
Slot Blijf er de komende week over nadenken wat je vanmorgen gehoord hebt over Vader en Zoon en hun plaats midden in je leven. Als je er de tijd voor neemt het te overdenken zul je steeds meer van de Vader en de Zoon zien en zal hun plaats in je leven groeien. Dat doet er echt toe. Meer nog dan al die andere dingen die bij het geloof horen. Bij de afronding van het verbondenheidproject in onze gemeente was een belangrijke conclusie: laten wij ons concentreren op de kern. Dat verbindt ons sterker met God. Dat verbindt ons ook met elkaar. Juist dan zie je hoeveel we gemeenschappelijk hebben. Ik zeg niet:laten we ons beperken tot de kern en al het andere wegscheuren. Nee, die andere dingen doen er ook toe. Al die dingen die de kinderen in het begin van de preek noemden. Die dingen doen er zeker toe, maar juist in hun verband met Vader en Zoon. Als dat meer in het midden komt te staan, en die kern sterker wordt, dan worden de andere dingen ook sterker. Ik noem enkele voorbeelden die vanmorgen actueel zijn.
- Ik verwelkomde vanmorgen de christelijk gereformeerde luisteraars. We werken aan kerkelijke eenheid. Mensen die bij de Vader en de Zoon horen, horen bij elkaar. Zoals Vader en Zoon bij elkaar horen. Echte verbondenheid bestaat. Dat zie je bij hen. Jezus gebed aan zijn Vader was: dat zij één zijn zoals wij één zijn. Vader en Zoon kennen, dat zal ons dichter bij elkaar brengen.
- We hebben vanmorgen een deel van het E&R team in ons midden wat deze zomer in Lichtenvoorde aan het werk gaat. Als je de Vader kent en de drang die in hem leeft om op anderen gericht te zijn, dan past daarbij dat Hij zijn Zoon naar de wereld gestuurd heeft en vervolgens ook dat hij ons naar andere mensen stuurt om hem bekend te maken. ‘Gelijk mij de Vader zond, zend ik ook jullie’
- Straks gaan we twee ouderlingen en twee diakenen kiezen. Ook daarbij draait het om verbondenheid en om God die mensen zoekt. Wonderlijk. Wij mogen de mensen uitkiezen die God gebruiken gaat om ons op te zoeken.
Denk er de komende week maar eens bij na hoe alle dingen met de Vader en de Zoon en hun eenheid te maken hebben. Maar denk vooral na over de Vader en de Zoon. Wat je vanmorgen in de preek gehoord hebt. En al het andere wat je uit de bijbel weet en kunt bedenken. Ik verzeker u, hun plaats in je leven zal groeien. Gefelicteerd!
Amen |