|
Een preek voor de laatste zondag voor het kerkelijk jaar midden in de crediet-crisis. Welke stad is vandaag de ‘hoer’ waar je in de bijbel over spreekt?
Preek A.M. de Hullu - Zondag 16 november 2008
predikant Apeldoorn-Zuid
Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.
Deze preek wordt u aangeboden voor eigen gebruik. De predikant vraagt u eerst contact met hem op te nemen als u deze preek wilt gebruiken voor andere doeleinden zoals het voorlezen in een kerkdienst of als studiemateriaal in verenigingsverband of anders.
|
Liturgie
Welkom
Openingsbelijdenis
Groet
Psalm 9:1,5,6
Wet en samenvatting
Psalm 130:2
Gebed
Genadeverkondiging Johannes 3:16-18
GK Gezang 139:4
Doopformulier 3
LB Gezang 335:1,2,3
Doop
LB Gezang 335:6,8,9
Nahum 2:4-3:19
Matteüs 25:1-13
Psalm 50:1,2
Preek deel 1
Psalm 93:1
Tekst: Nahum 3:4-7
Preek deel 2
LB Gezang 63
Gebed
Mededelingen
Collecten
Psalm 98:4
Zegen
Preek
1. Het beeld van het leeuwenhol
Met de voorbereidingen van de preek van vanmorgen ben ik al op tijd begonnen. Ik denk dat ik vier of vijf jaar oud was. Ik was met mijn ouders naar de stad Groningen geweest om kleren te kopen. Wat dat met preekvoorbereiding te maken heeft? Mijn ouders hadden, net als de doopouders van vanmorgen, beloofd dat ze mij bij de opvoeding de Heer zouden leren kennen. Daarom las mijn moeder bij het avondeten altijd uit de kinderbijbel. En de volgende dag vroeg ze na wat ik er van onthouden had. Zo stelde ze een tijdje na dat kleren kopen in de stad de vraag: ‘Harrie, waar ging Jona naar toe?’ Wat dacht u dat mijn antwoord was? ‘Naar V&D.’
Jongens en meisjes, weten jullie waar Jona naar toe ging? Ninevé. Daar wil ik jullie, daar wil ik u vanmorgen ook mee naar toe nemen. Naar Ninevé. Een heel grote stad, lang geleden. Jona is daar geweest. En Nahum, een andere profeet die vertelt er over: Kom eens kijken in die stad waar Jona geweest is. Toen Jona er heen ging bekeerden ze zich allemaal. Maar hoe is het als Nahum er over vertelt? Doen ze nog steeds wat God wil? Nee Nahum noemt die stad een leeuwenhol. Die mensen daar in Ninevé, ze zijn als leeuwen in hun hol.
Heb je wel eens een leeuw gezien? Ik hoop in de dierentuin, achter tralies. Want die leeuw, hij ziet er uit als een grote poes. Maar hij is heel sterk. Niemand kan tegen hem op. Als een leeuw je aanvalt, dan maak je geen schijn van kans. Iedere keer weer komt hij met zijn prooi naar het hol.
Zo is Ninevé, zegt Nahum. Het leger gaat die kant op en verslaat een volk. En dan die kant op, en weer een ander volk wordt verslagen. En iedere keer komen ze terug met heel veel buit. En bloedstad noemt Nahum het. Overal vechten en roven en onderdrukken.
Alle volken zijn bang van Ninevé, zoals je bang bent voor een leeuw.
Maar hoe loopt het af?
Nahum zegt:
12Wat is er over van het leeuwenhol?
Het was een nest vol jonge leeuwen,
de leeuw, de leeuwin en de welpen
gingen er ongestoord hun gang.
13De leeuw roofde voor zijn welpen,
beet kelen door voor zijn leeuwinnen,
vulde zijn holen met prooi,
zijn legers met buit.
14Ik zal je straffen – spreekt de HEER van de hemelse machten.
Ik laat je strijdwagens opgaan in rook,
het zwaard zal je dappere leeuwen verslinden,
je prooi vaag ik weg van de aarde,
de stem van je gezanten wordt niet meer gehoord.
Een leger dat nog veel machtiger is gaat Ninevé verslaan. God straft ze voor wat ze andere volken aan deden.
En zo is God nog steeds. Er zijn volken die andere volken aanvallen. Er zijn mensen en kinderen die andere kinderen aanvallen. Maar God komt het opnemen voor wie aangevallen wordt. In de tijd van Nahum stuurde hij een leger van soldaten in rode kleren en met rode schilden. En nu? Jezus komt uit de hemel, nog veel sterker dan alle soldaten en leeuwen bij elkaar. Hij is de overwinnaar.
En iedereen die bij de Here Jezus hoort zal dan altijd gelukkig zijn.
We zingen Psalm 93:1
2. Het beeld van de hoer
Ik heb in de preek van vanmorgen ook een 12+ gedeelte. Daar begreep ik nog niks van toen mijn moeder vroeg waar Jona heen ging. Maar als je met Nahum in Ninevé gaat kijken laat hij je nog iets meer zien. Ninevé is als een leeuwenhol: wrede legers plunderen en halen buit binnen. Maar het 12+ beeld staat in 3:4.
4Je gedraagt je als een hoer,
een verleidster ben je, bedreven in toverij,
je verkwanselt volken voor je ontuchtige praktijken,
en stammen voor je toverkunst.
5Daarom zal ik je straffen – spreekt de HEER van de hemelse machten.
Ik zal je kleren optillen tot over je gezicht,
je naaktheid aan alle volken tonen,
je schaamte aan alle landen laten zien.
6Ik zal je onder vuil bedelven,
je belachelijk maken,
je te kijk zetten.
7Dan zal ieder die je ziet zich van je afwenden
en zeggen: ‘Nineve is verwoest!’
Wie zal om haar rouwen?
Waar vind ik iemand die je troost?
Een hoer die mensen weet te betoveren met haar vrouwelijkheid, maar ook met occulte praktijken. Het is een beeld wat Nahum vermoedelijk heeft overgenomen van Jesaja. Jesaja vergeleek de koopmansstad Tyrus met een hoer. Rijk, mooi, verleidelijk en slecht. Maar vergaat het haar als het arme vergeten hoertje uit een liedje uit die tijd (Jesaja 23:16). En dat ziet Nahum opnieuw gebeuren bij Ninevé. De economische wereldmacht van die tijd. Niet alleen in militair opzicht, maar ook in economisch opzicht machtig. Steeds bezig om haar macht te vergroten ten koste van andere volken.
Een mooie stad, verleidelijk. Koningen als Achaz en Manasse werden er door betoverd. En zo zal het met veel koningen uit het Middenoosten gegaan zijn. Rijkdom is immers betoverend, verleidelijk. En wie de kans ziet verrijkt zich ten koste van anderen. Arme volken worden daarvoor uitgebuit. Zo is het vandaag en zo was het toen ook al.
Nahum gebruikt die beelden van de hoer en de tovenares niet voor niets. In de rijke stad gaat economische macht vaak hand in hand met seksuele uitspattingen en occultisme. Het lijkt wel of Nahum hier zo drie zonden van Nederland 2008 op een rijtje zet. Hoe meer geld we te besteden kregen, hoe meer alles kon op gebied van seks. Het geloof in God werd als een oude jas aan de kant gegooid. Maar toen het toch wat koud werd kwamen oosterse godsdiensten en occultisme er voor in de plaats. Ik zou vandaag geen stad aan kunnen wijzen die precies Ninevé is. In de dagen na Nahum zou je aan Babel kunnen denken. En in de Openbaring van Johannes lees je over een nieuw Babel (hoofdstuk 17-18) De mensen uit de tijd van Johannes herkenden direct de stad Rome. Moet je vandaag aan New York denken? Het heeft er trekken van. Maar dat heeft heel onze westerse cultuur. Rijk zijn ten koste van de andere helft van de wereld. Losbandigheid en occultisme. Als kind verwarde ik Ninevé met V&D. Dat was een beetje kort door de bocht. Maar toch zat er wat in: de Grote Markt in Groningen en onze Hoofdstraat zijn straten waar je je kunt uitleven als Ninevéer.
3. Hoe loopt het af?
Maar hoe loopt het af met Ninevé. De leeuw wordt verslagen De hoer wordt uitgekleed. Haar mooie lichaam, verleidelijk gekleed, wordt te kijk gezet. Wat haar kracht was wordt haar schande. En dat gebeurt ook in Ninevé. In de korte krachtige zinnetjes van hoofdstuk 2 zagen we sterk en vurig leger aankomen. Mooie gebouwen worden verwoest. En de kostbaarheden waar de stad vol van is worden allemaal weggeroofd. Het schijnt dat er bij de opgravingen van Ninevé niets meer van teruggevonden is. Gods straf.
Dat doet God iedere keer weer als een wereldstad zich als Ninevé, als hoer ontwikkeld. Het rijke Tyrus raakte aan de grond. Ninevé, Babylon later. En Openbaring 18 voorspelt de val van de stad die daar Babylon genoemd wordt: Rome. In de vijfde eeuw is dat ook gebeurd. Je zou kunnen denken dat we dan direct de bruiloft van het Lam krijgen, waar Openbaring 19 het over heeft. Maar dat blijkt toch nog langer te duren. Er komt een einde aan al het slechts in deze wereld. Dat gaat God doen. De val van Rome is alvast een waarschuwing. Sindsdien hebben zich nieuwe economische machten aangediend. Geld en al het moois en al het slechte wat je er mee kunt doen blijft verleiden. Ja, toch?
Wat zou God nou in onze tijd moeten doen om die hoererij te kijk te zetten? Ik had niets beters kunnen bedenken dan een creditcrisis. Het is een krachtige waarschuwing van God. God treft ons in onze grote verslaving: het ongeremde uitgeven. Jezelf groot maken met grote uitgaven. Over de ruggen van anderen, vooral in de andere helft van de wereld.
Het is een waarschuwing dat het anders moet. Voor de wereld? Ja, maar in ieder geval voor u en mij. Een waarschuwing tot bezinning over onze uitgaven. Is het echt nodig of is het zinloze luxe? Over eerlijke handel die recht doet aan de boeren in de derde wereld en kinderarbeid tegengaat. Nadenken, ook over je geefgedrag. Dat is wat de Here verlangt. De Here is niet tegen rijkdom, maar wel tegen armoede. Onthoudt dat! De Here, die bewogen is met het lot van zoveel mensen die het met weinig moeten doen. Hij verlangt die bewogenheid ook bij u en mij.
De nederlaag van onze uitgeefcultuur is een stevige waarschuwing van God. Zoals de nederlaag van Rome in Openbaring 18 duidelijk maakt dat het einde nadert, krijgen we weer een nieuwe waarschuwing. Het einde komt, daar kun je zeker van zijn.
Er komt een stad, die geen hoer is, maar een bruid. Jeruzalem. En de bruidegom, hij komt. Hij komt oordelen. Als je bij hem hoort mag je binnenkomen.
Daarom roep ik u op om bij hem te willen horen. Bij het hemelse Jeruzalem. Dat kan, dat mag. Ook al heb je je nog zo laten meeslepen door de Ninevécultuur. Bij Jezus is vergeving.
Hij komt om te oordelen. Wanneer? Kunnen wij daar meer over zeggen, aan de hand van voortekenen? Ds. van de Kamp zal daar binnenkort serie leerdiensten over houden. Voor dit moment laat ik het bij de oproep van de Here Jezus: Wees waakzaam, want jullie weten niet op welke dag en op welk tijdstip ik kom (Matteüs 25:13).
Amen |