|
Aanleiding
Binnen de Gereformeerde kerken is al heel veel gezegd en geschreven over kindernevendiensten. Van zowel mensen die voor de invoering van een kindernevendienst zijn als mensen die daar ernstige bezwaren tegen hebben zijn de argumenten uitgebreid beschreven. In onze aanpak hebben we daar gebruik van gemaakt.
Daarnaast hebben we meningen uit onze eigen gemeente gepeild. En ook in onze gemeente blijkt dit onderwerp voor een spanningsveld te zorgen. Het ontbreken van aandacht voor de kinderen door bijvoorbeeld een kindernevendienst is een veel gehoord argument bij broeders en zusters die onze gemeente hebben verlaten. Tegelijk vragen broeders en zusters die hier geen voorstander van zijn zich af of er nog wel een plaats voor hen in de gemeente is als de kerkenraad overgaat tot het invoeren van een kindernevendienst. Voorstanders hebben vanuit de slotavond van leven in verbondenheid hun argumenten voor beschreven. Verder hebben we twee verklaarde tegenstanders gevraagd hun argumenten op papier te zetten. We zijn blij dat ze dat ook gedaan hebben en we hebben dankbaar gebruikt gemaakt van hun informatie.
Basis voor het gesprek Op voorhand is al duidelijk dat het onderwerp kindernevendienst een onderwerp is waarover de meningen zeer uiteen lopen binnen onze kerk. Bovendien gaan gesprekken erover vaak met emoties gepaard. Het zorgt voor onrust in de gemeente. Daarom is het goed om eerst stil te staan bij de vraag wat voor onderwerp het is en met welke intentie we dit zullen moeten bespreken. Daarvoor laten we graag ds. Luiten uit Zwolle aan het woord. Hij stelt dat onderwerpen zoals een Kindernevendienst vaak in licht worden gezet van wat Paulus schrijft in Rom. 14 over het al dan niet eten van offervlees. Paulus maakt duidelijk dat het over een zaak gaat die het er op zichzelf niet toe doet. Vervolgens geeft hij aan dat dan het gebod van de liefde geldt namelijk de zorg voor zwakke broeders en zusters in de gemeente . Onrust wordt dan dus veroorzaakt door “nieuwigheden” die je net zo goed weg kunt laten omdat het zaken zijn die er niet toe doen. Ds. Luiten daarentegen stelt dat in deze wereld die in een hoog tempo verandert, de kerk er niet aan zal ontkomen zich op zulke veranderingen in te stellen. Omdat ze vandaag het Woord voor dèze wereld heeft. Dit vraagt om bezinning, om vernieuwing van taal en vormen, om de bereidheid er alles aan te doen om anderen in waarheid te bereiken. Het gaat bij veranderingen om de intentie, zoals Paulus schrijft: “de liefde van Christus drijft ons” (2Kor. 5:14). Alles zal altijd gaan om onze overgave aan onze Heer, ook als gemeente. Hiervoor moeten we elke zelfbedachte tegenstelling uitbannen. Om te beginnen met “oud tegenover nieuw”. Niemand hoeft te kiezen tussen oud en nieuw, ze gaan hand in hand. Jezus Christus moet zó verkondigd worden en de erediensten moeten rondom Hem zó vormgegeven worden, dat ieder herkent dat het oude en het nieuwe leven samengaan. Jezus Christus komt tot ons in het oude en toch springlevende evangelie waardoor de Geest ons en ons kerk zijn dagelijks vernieuwt. Er zijn, ook in onze gemeente, mensen die hechten aan bestaande vormen en mensen die behoefte hebben aan vernieuwingen. De kunst is om die vernieuwingen door te voeren die nodig zijn en om elkaar daarin te leren verstaan.
Wat is een kindernevendienst? We praten gemakkelijk over een kindernevendienst, maar de eerste vraag is : Wat is een kindernevendienst eigenlijk? We kennen al de Crèche en de Schatgravers. Op beide plekken worden ook Bijbelverhalen verteld. We noemen dat nog geen kindernevendienst. Het zal duidelijk zijn dat er geen overal geldende definitie van kindernevendiensten is. In de meeste kerken is gebruikelijk dat de kinderen slechts een gedeelte van de kerkdienst niet aanwezig zijn. Dat geldt in ieder geval tijdens de preek. Het begin en het einde van de kerkdienst met de zegen maken de kinderen wel mee. Ook bij bijzondere gebeurtenissen zoals de doop, zijn ze aanwezig. Wij verstaan onder een kindernevendienst een aparte bijeenkomst voor kinderen tijdens slechts een deel van de kerkdienst. In die aparte bijeenkomst wordt het thema van de kerkdienst behandeld op het niveau van de kinderen.
Wat zegt de bijbel? Allereerst: over de kindernevendienst zegt de bijbel niets. De bijbel maakt wel duidelijk dat kinderen erbij horen. Gods verbond: de God van Abraham is net zo goed de God van zijn kinderen. Bij de uittocht uit Egypte trekken de kinderen mee. De kinderen krijgen ingeprent dat de Here hun God is. Ze zijn erbij als de wet wordt gegeven op de Sinaï en ze hebben een rol bij de feesten. Jezus zegent de kinderen, hij wordt zelfs woedend (letterlijk “des duivels”) als de kinderen weggestuurd worden. De belofte van de Heilige Geest is ook voor de kinderen, Jesaja 59 vs. 21. Kinderen horen erbij omdat God hen erbij rekent, van jongs af aan: “Want voor u is de belofte en voor uw kinderen”. Maar niet overal waren kleine kinderen er zelf bij. In Nehemia 8 wordt verschillende keren herhaald dat Ezra de wet voor de gemeente voorleest, “voor de mannen, de vrouwen en ieder die het kon begrijpen”. Daar waren kleintjes blijkbaar niet bij. Waarschijnlijk waren er jongeren bij vanaf ongeveer 13 jaar.
In de bijbel worden kinderen zelden direct aangesproken. De ouders worden aangesproken, kennelijk met de bedoeling dat zij alles naar hun kinderen duidelijk zullen maken.
Geloofsopvoeding begint thuis waar verteld wordt over het leven met de Here. Ouders zullen het kind bij de hand nemen, motiveren, erbij betrekken (doopformulier).
De rol van Schatgravers In de huidige situatie wordt gemiddeld eens in de twee weken een crèche+ georganiseerd voor kinderen die te jong zijn om twee keer naar de kerk te kunnen gaan. Dit zijn kinderen van 4 tot en met 7 jaar. Voor de meeste kinderen is dit een bijeenkomst waar zij zich echt op verheugen. Bovendien voelen ze zich betrokken bij de gemeente. Ze krijgen op hun eigen niveau uitleg over Bijbelse onderwerpen. Zo is afgelopen jaar de wet aan hen uitgelegd. Elke keer werd een gebod besproken en werd daarover een werkje gemaakt. De overwegingen in 2003 om deze crèche+ te starten waren:
- Kinderen horen in de eredienst, dit wordt als verantwoordelijkheid van de ouders gezien;
- Het is geen kindernevendienst, want de kinderen gaan niet alleen bij de preek uit de dienst;
- Kinderen gaan niet minder naar de kerk, want de crèche+ wordt ’s middags gehouden, waardoor het middagkerkbezoek juist wordt gestimuleerd.
In de besluitvorming is tevens opgenomen dat kindvriendelijkheid van de eredienst een zaak van aandacht blijft van de kerkenraad.
Nadelen van de huidige vorm van Schatgravers Na ruim vijf jaar ervaring worden ook nadelen van de huidige vorm van de Schatgravers opgemerkt. Allereerst wordt als gemis ervaren dat de kinderen de hele kerkdienst missen, ook een eventuele doop en de zegen. De frequentie is laag, doorgaans eens in de twee weken. Mist een kind een keer een bijeenkomst dan komt het in een hele maand maar één keer. Verder zijn de bijeenkomsten van de Schatgravers alleen tijdens de middagdienst. Dit is aan de late kant voor jonge kinderen. Ze zijn pas om half 7 thuis, terwijl ze de volgende dag weer naar school gaan.
Argumenten tegen een kindernevendienst Uit de inventarisatie van argumenten tegen een kindernevendienst kwamen de volgende punten naar voren.
- Kinderen kregen bij hun doop het teken dat ze tot de gemeente van God behoren. Maar bij de prediking, een van de belangrijkste elementen van de eredienst, worden ze de gemeente uitgeleid. Dat geeft een leegte.
- Kinderen horen al heel vaak de Bijbelverhalen op hun niveau. Thuis met de kinderbijbel, en op de christelijke school. Waarom moet er dan ook een dienst komen die speciaal op kinderen gericht is?
- Ouders zijn verantwoordelijk voor de geloofsopvoeding. Uitleg over wat in de eredienst gebeurt, hoort thuis te gebeuren.
- Het is in de praktijk heel moeilijk om een kind dat de kindernevendiensten bezocht heeft, te laten wennen aan de gewone diensten.
- Kinderen moeten leren luisteren. In onze jachtige wereld moet alles vlug en flitsend zijn. Stilzitten en luisteren is heel erg moeilijk. Als kinderen dat jong niet leren, wanneer dan wel?
- Voorstanders van Kindernevendienst zeggen dat de kinderen het dan beter begrijpen. Maar begrijpen op zich is niet voldoende, dat is nog geen geloven. Vergeten we vaak niet veel te veel hoezeer de Heilige Geest in de harten van die kinderen kan werken?
- Waar men de kinderen in aparte kindernevendiensten laat samenkomen, komt ook vraag naar jeugdkerk (12-16 jaar) en vervolgens krijgt men kinderen helemaal niet meer in de kerk.
- Het gevaar bij Kindernevendienst is dat het geloof versimpeld wordt. Dat de noodzaak van bekering er te weinig in naar voren komt. En ook de laatste ernst van hemel en hel.
- We vergeten vaak dat God naar ons toe komt en ons roept en tot ons wil spreken. De kerkdienst is niet van ons maar van Hem. Het doet er niet zoveel toe of het mooi is of niet: we moeten gewoon naar Hem luisteren. Ook de kinderen.
- Kindernevendiensten zijn ook een grote verschuiving en een manifestatie van de grote leegte die er bestaat. Ook het feit dat de kerkraad dit soort vragen uitzet bij LC en JC in plaats van deze zelf te beantwoorden
Argumenten voor een kindernevendienst Argumenten voor een kindernevendienst zijn:
- Het is van groot belang dat een kind leert en ontdekt en ervaart dat God er in zijn leven is. We doen daar veel moeite voor in de opvoeding, op school. Alleen in de kerk accepteren we dat het kind er veelal niet bij kan.
- Een kerkdienst is bedoeld als stimulans, een krachtbron, een feestelijke samenkomst die je de hele week bij blijft. Niet alleen gaat het over de vraag: hoe brengen we de kinderen bij Jezus, maar ook: hoe brengen we de kinderen naar de eredienst zodat ze de kerk lief krijgen en ervaren dat God ook hun vader is?
- Het erbij horen is niet hetzelfde als erbij zijn, in de bijbel. Laten we wel echt merken dat het kind erbij hoort? Dat kan door ze in een aparte ruimte aan te spreken en ze zich zo thuis te laten voelen in het huis van God. Zo leert een kind luisteren. Kinderen worden nu doorgaans te weinig geprikkeld om te luisteren. Het is niet haalbaar dat de dominee een kerkdienst en in het bijzonder een preek kan inrichten op het niveau van zowel 3 jarigen als 99 jarigen. Wat zou het mooi zijn dat de kinderen van Gods daden horen vertellen in hun eigen taal. En dat dat gebeurt terwijl in de kerkdienst zelf gepreekt wordt, in een liturgische samenhang, al is het in een andere ruimte.
- Er is verbondenheid in het samenkomen in de ene eredienst, er is vervolgens vaste spijs en melk, al naar gelang ieders vermogen. In afzonderlijk ruimten en daarna weer samenkomen om de zegen te ontvangen en de dienst af te sluiten.
- In de derde doopvraag vraagt de voorganger aan ouders of zij hun kinderen zullen onderwijzen en laten onderwijzen. Ouders beloven dat publiek, met de kracht van een eed. Heel de gemeente is getuige. En ook de gemeente belooft zorg te dragen voor dit nieuwe gemeentelid. Nu mogen de ouders de gemeente als eerste hieraan houden, zodat in of tijdens de diensten ook hun kinderen worden onderwezen. Beloofd is beloofd, afspraak is afspraak. Onze kinderen zijn niet minder lid van de gemeente dan de volwassenen. De vraag is hoe dat ’s zondags zal blijken.
Leven in verbondenheid Hoe wij omgaan met kinderen in de kerk en ook hoe wij bij dit onderwerp met elkaar omgaan heeft alles te maken met het leven in verbondenheid. Wij willen graag vanuit die overtuiging verder gaan met het gesprek hierover. Dat betekent allereerst iets over hoe wij dit gesprek voeren. Het is ons opgevallen, bijvoorbeeld in de artikelen die we gelezen hebben, dat argumenten zwaar worden aangezet en heel principieel geladen worden. Een voorbeeld is het beroep op de doopbelofte. Zowel voor- als tegenstanders van kindernevendiensten stellen dat zij met hun standpunt de doopbelofte serieus nemen, daarmee impliciet aangevend dat de ander dat niet doet, of toch op z’n minst verkeerd interpreteert. We moeten er van uitgaan dat ook de ander oprecht uitgaat van de doopbelofte. Leven in verbondenheid betekent volgens ons dat we elkaar iets mogen gunnen in de gemeente. Dat is voor sommigen een kindernevendienst, voor anderen de overtuiging dat hun kinderen de hele dienst behoren mee te maken. Hier is iedereen vrij in, dat blijft de verantwoordelijkheid van de ouders.
Advies: Alles overziend is het belangrijkste argument vóór kindernevendiensten: kinderen zullen op deze manier de boodschap van het evangelie veel beter begrijpen.
Het belangrijkste argument tegen is: Er is één kerkdienst voor de hele gemeente, dus van de jongste kinderen tot de oudste bejaarden.
Alle andere argumenten zijn of van deze twee basisargumenten afgeleide argumenten, of het zijn argumenten die gebaseerd zijn op persoonlijke voorkeuren.
Ook binnen de JC en de LC wordt er verschillend gedacht over het invoeren van een kindernevendienst. Toch konden we tot een gezamenlijk advies komen. Onze overtuiging is dat Bijbelse gegevens niet onomstotelijk leiden tot een voor- of tegenstandpunt. Voor ons is uiteindelijk doorslaggevend dat deze tijd om nieuwe vormen van geloofsopvoeding vraagt om de kinderen om de kinderen in te wijden in het leven met de Heer. Kinderen hebben een eigen plaats in de gemeente. Die eigen plek heeft te maken met de eigen manier waarop kinderen geloven. We noemen twee lijnen:
- kinderen geloven via ervaring
- kinderen geloven via het voorbeeld dat de ouder of kinderwerker is.
Ervaring is een belangrijke bouwsteen voor geloof bij met name jonge kinderen. Dat blijkt heel duidelijk als kinderen bijvoorbeeld gevraagd wordt wie God is. Alle antwoorden die kinderen dan geven zijn ervaringsantwoorden (iemand die je altijd helpt, die bij je is als je alleen bent, die je troost als je verdriet hebt, die je helpt als het moeilijk is etc.). Zo gelooft een kind. Dat heeft ook betrekking op de grote betekenis die liederen hebben voor kinderen. Muziek en zang zijn ervaringsmomenten voor een kind. Die raken hen diep.
Op basis hiervan komen wij tot het advies kindernevendiensten te gaan organiseren voor kinderen van 4-7/8 jaar. Daarnaast stellen we voor om in de diensten een kindmoment te organiseren voor de oudere kinderen. Ook zou het mooi zijn als de hele gemeente aan het eind van de dienst de zegen van God kan ontvangen, dus ook de kleinste kinderen uit de crèche.
Praktische invulling Kindernevendienst De kindernevendienst vindt iedere zondagmorgen plaats tijdens de preek. De vorm hoeft niet sterk af te wijken van hoe deze nu is bij de Schatgravers. Wel is de tijd korter, omdat alleen tijdens de preek een bijeenkomst gehouden wordt. Er kan een korte uitleg gegeven worden over een bepaald thema (10 Geboden, de Schepping, Pasen, etc.), ook kan in samenwerking met de dienstdoende dominee aansluiting gezocht worden bij het thema van de preek. De kinderen kunnen verder een lied leren of een werkstukje maken. De kinderen moeten dan worden verdeeld over twee leeftijdsgroepen: 3 t/m 6 jaar (groep 0 t/m groep 2, kunnen nog niet lezen) en 6 t/m 8 jaar (groep 3 en groep 4, kunnen lezen) om zo goed mogelijk te kunnen aansluiten bij hun niveau. Op deze manier kan iedereen ’s ochtends naar de kerk:
- baby’s en peuters spelen in de crèche;
- kinderen vanaf kleuterleeftijd zingen, knutselen en leren over God bij de Kindernevendienst tijdens de preek;
- oudere kinderen prijzen God en leren over God op hun eigen niveau in de eredienst;
- volwassenen kunnen beter hun aandacht bij de preek houden.
- Zo dragen we allemaal op een eigen manier bij aan de eredienst voor God, zonder dat het een kerk van aparte groepjes wordt.
Kindmoment Zoals in 2003 al is aangegeven is aandacht voor kinderen in de eredienst een blijvend aandachtspunt. Meer aandacht voor grotere kinderen kan heel expliciet betekenen een kindmoment tijdens de eredienst. Bijvoorbeeld 5 minuten voorafgaand aan de preek een korte introductie voor de kinderen. Ook kunnen natuurlijke momenten worden gebruikt om uitleg te geven, zoals bij doop, avondmaal, belijdenis of bevestiging van ambtsdragers. Dit kan de voorganger doen, maar ook kunnen daar gemeenteleden voor ingeschakeld worden. Daarnaast is het voor kinderen heel belangrijk dingen visueel te maken, dit kan heel letterlijk door gebruik te maken van voorwerpen of plaatjes met de beamer. Wil je kinderen betrekken bij de eredienst, dan zul je rekening moeten houden met een korte spanningsboog, dus een praktische en niet te lange uitleg.
Zegen Wij geloven dat het heel belangrijk is dat de kinderen ook de zegen ontvangen. Jezus heeft immers gezegd ”Laat de kinderen bij me komen, houd ze niet tegen, want het Koninkrijk van God behoort toe aan wie is zoals zij.” Daarna nam Hij de kinderen in zijn armen en zegende hen. Om kinderen ook de zegen te kunnen laten ontvangen, zou het mooi zijn als ouders de gelegenheid krijgen hun kinderen voor het slotlied uit de crèche te halen.
De Kerkenraad(KR) heeft aan de Liturgiecommissie (LC) en de Jeugdcommissie(JC) gevraagd een gezamenlijk advies uit te brengen over het al dan niet invoeren van een kindernevendienst en de praktische invulling ervan. Zie voor de opdrachtomschrijving bijlage 1. Tijdens het project Leven in verbondenheid kwam de vraag naar een kindernevendienst naar voren. In de afsluitende bijeenkomst van dit project bleek dat dit onderwerp bij de drie meest genoemde onderwerpen behoorde. |